“Waarom vind je die bank niet mooi dan?” – “Omdat die bank een rokje aan heeft, ik wil het strakker.” – “Vind je dit dan beter?” – “Nee, bah, dat lijkt wel een blokkendoos.” – “Wat is dan strak in jouw ogen?” – “Gewoon wat we nu hebben.” – … – “Maar dan van leer.”
Zomaar één van de gesprekken deze week in huize 18elf. Ik wil een nieuwe bank. Manlief ook, maar eigenlijk ook weer niet. Snap je hem nog? Natuurlijk hebben we het niet over een pak melk. Het geld groeit ons niet op de rug. Het komt evenmin aanwaaien. En er groeit nog steeds geen geldboom in de tuin. Helaas pindakaas. Maar ik ben wel toe aan iets nieuws in huis. En die bank zit vol vlekken (die een ander misschien niet storen, maar mij wel). Komt nog bij dat ik er in de winter statisch van word, omdat hij met nepsuède bekleed is. Maar goed, man wil het voorlopig niet. En daar blijft het nu even bij. Exit nieuwe bank.
Waar manlief wel voor open staat, is een muurtje in de woonkamer verven. Dat dan weer wel. En dus stortte ik me op de kleurenanalyse. De gordijnen worden voorlopig niet vervangen. Zoveel is duidelijk. En ook de keuken kan budgettechnisch niet worden veranderd. Tenzij we de koninginnedagloterij winnen, maar die kans is natuurlijk nihil. Ik toog naar de kluszaak hier op de hoek. Zij bleken dealer van Histor, maar die kleuren stonden me niet aan. We hebben nu Kenia Nuance Camel op de muren, deuren en kozijnen. Een kleur uit de Couleur Locale lijn van Flexa. Het schijnt dat die lijnen goed met elkaar te combineren zijn, dus daar zoek ik het in.
Op naar de tweede verfzaak hier in de buurt. Een specialistisch familiebedrijf dat al járen in het vak zit. De eerste keer dat ik er op de stoep stond, was de winkel gesloten. Waar vind je dat nog? Een winkel die op woensdagmiddag dicht is. In de stad notabene. Maar goed, in het kader van besparen op de kinderopvang kon ik daar nog wel begrip voor opbrengen. Hoewel je dan mogelijk omzet misloopt, maar daar hebben ze vast een gedegen berekening op losgelaten.

Donderdagmorgen, tweede poging. Het is stipt 9 uur en de eigenaar stalt zijn reclameborden en buiten-etalage nog uit, terwijl ik al naar binnen mag. Ik kijk rond en vind al snel de kleurlijn die ik wil. “Waar kan ik u mee van dienst zijn?” De winkelier is een oudere man, ik schat een jaar of 62, één generatie ouder dan mijn eigen ouders. “Ik ben op zoek naar kleurstaaltjes van deze Flexa-lijn. Ik heb nu de nuance camel op de kozijnen en wil daar een warme grijstint bij voor op de muur.” Meneer kijkt me meewarig aan, en steekt vervolgens van wal over ‘jullie generatie’. Dat wij niet kunnen kiezen, dat wij het onszelf zo moeilijk maken. Dat goed niet goed genoeg is, dat we altijd beter, mooier, sneller, perfecter zoeken. Dat zíjn generatie binnen vijf minuten beslist wat ze mooi vinden, en wij er úren over doen. En dan nog niet tevreden zijn.
Ik zou van mijn stoel vallen als ik erop had gezeten. Stond deze man nu echt een relaas te houden over ‘mijn generatie’ en ‘niet kunnen kiezen’, terwijl ik hem slechts om een paar grote kleurstalen vraag? Ik stamel perplex iets als ‘ja, maar er is ook zoveel keus’. Het haalt niets uit. Meneer gaat nog even door. Wij laten die keuzes allemaal toe. Wij laten ons ook ontzettend beïnvloeden door ‘de bladen’, ‘die rotzooi op televisie’, waar hij zelf overigens niet naar kijkt, zo deelt hij me trots mee. Ik moest het ook allemaal niet persoonlijk opvatten.
Maar dat deed ik natuurlijk wel. Deze man bedoelde het ongetwijfeld goed. En hij zat vast met een aantal persoonlijke frustraties. Misschien wel kinderen of kleinkinderen van ‘mijn generatie’ die in zijn ogen totaal mislukt waren omdat ze voor hun gevoel geen goede keuze konden maken door het teveel aan mogelijkheden? Wie zal het zeggen? Terwijl ik afdwaalde van zijn verhaal en me druk maakte om het feit dat er een prijssticker van € 1,00 op het kleurstalenfoldertje zat en mijn knip thuis lag, eindigde hij zijn relaas met: “Zo, dat was de ochtendoverweging.” Pfieuw!
De folder mocht ik toch gratis meenemen. Vast omdat ik zijn verhaal had aangehoord en niet boos was weggelopen. Ergens kan ik er nu wel om lachen, maar een prettig ‘gesprek’ was het op dat moment niet. Ik hoop dat meneer zich op tijd beseft dat ‘mijn generatie’ en alles wat daarna komt, zijn klanten van de toekomst zijn. Want mij is hij kwijt. Ik kom daar met geen voet meer over de drempel. Man, man, ik vroeg alleen om grote kleurstalen. Uiteindelijk stond ik buiten met een foldertje waarin ieniemienie kleurvlakjes zaten. Nutteloos dus. Thuis tikte ik flexa.nl in de adresbalk van mijn browser en ik bestelde grote kleurstalen online. Ik ging juist naar de winkel omdat ik ze direct wilde meenemen. Maar helaas. Dan maar even wachten. Geduld is niet mijn sterkste punt, maar dat zal ook wel weer iets van ‘mijn generatie’ zijn. Lastig hoor. Pff, wat doen we onszelf toch aan.
Peet op Social Media